Rinderrouladen

Duitse rundvleesrolletjes met mosterd, spek, ui en augurk

Rinderrouladen zijn een klassieke Duitse zondagse maaltijd. Hoewel ze door het hele land worden gegeten, zijn ze vooral sterk verbonden met de traditionele keuken van Midden- en Noord-Duitsland. Iedere familie kent zijn eigen versie, maar mosterd, spek, ui en augurk vormen de klassieke vulling. De rolletjes worden langzaam gestoofd in een rijke jus en traditioneel geserveerd met puree, rode kool of knödel.

Rinderrouladen

Keuken Duits
Voorbereidingstijd 25 minuten
Bereidingstijd 2 uur 28 minuten
Totale tijd 2 uur 55 minuten
Personen 4 personen
  • 4 grote dunne runderlappen ongeveer 150–180 g per stuk
  • 4 tl scherpe of grove mosterd
  • 8 plakjes gerookt spek
  • 2 uien in dunne reepjes
  • 4 kleine augurken in lange repen
  • zout
  • zwarte peper
  • 2 el boter of olie

Voor de jus

  • 1 wortel grof gesneden
  • 1 ui grof gesneden
  • 1 stengel bleekselderij grof gesneden
  • 1 el tomatenpuree
  • 150 ml rode wijn
  • 500 ml runderbouillon
  • 1 laurierblad
  • 2 takjes tijm
  • 1 tl mosterd
  • eventueel 1 tl maïzena om te binden
  • Bereid het vlees – Leg de runderlappen tussen twee vellen bakpapier en klop ze eventueel nog iets dunner. Bestrooi licht met zout en peper. Bestrijk iedere lap met ongeveer 1 tl mosterd.
  • Vul de rouladen – Leg op iedere lap: 2 plakjes spek, wat ui, enkele repen augurk. Vouw de zijkanten iets naar binnen en rol het vlees strak op. Zet vast met keukentouw of cocktailprikkers.
  • Bak rondom bruin – Verhit boter of olie in een braadpan. Bak de rouladen rondom diep goudbruin. Haal ze uit de pan en leg apart.
  • Maak de saus basis – Doe wortel, ui en bleekselderij in dezelfde pan. Bak ongeveer 5–8 minuten tot ze beginnen te kleuren. Voeg de tomatenpuree toe en bak kort mee. Blus af met rode wijn en laat een paar minuten inkoken.
  • Laat langzaam stoven – Voeg de bouillon, laurier en tijm toe. Leg de rouladen terug in de pan. Laat met deksel op laag vuur ongeveer 1½ tot 2 uur zacht stoven, tot het vlees volledig mals is. Draai de rouladen halverwege een keer om.
  • Maak de jus af – Haal de rouladen uit de pan en houd warm. Zeef de saus of laat hem rustiek zoals hij is. Laat de saus eventueel nog wat inkoken. Roer de mosterd erdoor en bind desgewenst licht met wat maïzena. Proef en breng op smaak met zout en peper.
  • Serveer één roulade per persoon met royaal wat jus. Traditioneel past daar heel goed aardappelpuree of spätzle of aardappelknoedels bij en rode kool.

Traditionele bijgerechten zijn:

  • Rotkohl – langzaam gestoofde rode kool met appel.
  • Kartoffelklöße – zachte Duitse aardappelknödel.
  • Spätzle – verse Duitse eiernoedels.

Het geheim van perfecte Rinderrouladen is langzaam stoven op een lage temperatuur. Gebruik dunne, maar stevige runderlappen en rol ze strak op, zodat de vulling tijdens het garen goed op zijn plaats blijft. Braad de rollades eerst rondom goudbruin aan voor een diepe smaak en laat ze vervolgens minstens twee uur zachtjes sudderen.

Maak het gerecht gerust een dag van tevoren: de smaken trekken dan nog beter in het vlees en de saus wordt heerlijk vol en aromatisch. De klassieke combinatie van mosterd + spek + ui + augurk is wat het gerecht zijn herkenbare smaak geeft.

Heb jij dit recept gemaakt?

Geef het een beoordeling en deel je ervaring! Zo help je andere kookliefhebbers om nieuwe gerechten te ontdekken.

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Beoordeel dit recept